Zoeken in De Pinte.be

Home  /  Leven  /  Premies  /  Subsidiereglement land- en tuinbouw

Subsidiereglement land- en tuinbouw

Er kan binnen de beperkingen van de daartoe voorziene kredieten, een gemeentelijke subsidie verleend worden voor het inzaaien van groenbedekkers en of bloemenranden.
Groenbedekkers
Voorwaarden:
  • de uiterste inzaaidatum is 30 november. De groenbemester moet minstens tot 15 februari behouden blijven. Op schriftelijk, gemotiveerd verzoek kunnen individuele afwijkingen toegestaan worden door de gemeentelijke milieudienst.
  • komen in aanmerking als groenbemesters voor het bekomen van de toelage: klaver (Alexandrijnse klaver, witte of rode klaver, andere klavers), gras (Italiaans raaigras, Westerwolds raaigras, Engels raaigras, Hybride raaigras, Festulolium), wikken, snijrogge, zomerhaver, bladkool, bladrammenas, gele mosterd, Lupinen, Phacelia en Tagetes, Nootzoetraapzaad, Komkommerkruid, mengsel van bovenstaande groenbedekkers.
  • de in te zaaien oppervlakte is minstens 1 ha.
  • Gemeentelijk subsidiereglement voor land- en tuinbouwers voor het inzaaien van groenbedekkers en bloemenranden
  • De facturen van aankoop van zaden en/of loonwerk moeten bewaard worden en bij eventuele vraag voorgelegd worden.
  • Per landbouwer worden jaarlijks voor max. 125 euro premie toegekend overeenstemmend met een premie voor maximum 5 ha.
  • Er worden geen bestrijdingsmiddelen gebruikt op het perceel.
  • Na elke maaibeurt wordt het maaisel binnen de maand afgevoerd.
  • Voor 15 november van ieder jaar wordt het aanvraagformulier ingediend bij het College van burgemeester en schepenen
De algemene voorwaarden zijn terug te vinden in het volledige reglement.

Bloemenranden
Voorwaarden:
  • Zaai voor 15 mei een strook in met een één- of meerjarig mengsel van vlinderbloemigen De bloemenrand moet een breedte van minimum 2 en maximum 5 meter hebben. Indien minder dan 2 meter breedte is er geen subsidie mogelijk. Indien meer dan 5 meter breedte wordt het gedeelte boven de 5 meter niet vergoed.
  • De samenstelling van het zaaimengsel en de zaaidichtheid gebeuren volgens het schema dat u terug vindt in het volledige reglement;
  • Voer behalve het maai- of klepelbeheer geen enkele andere activiteit uit op de strook;
  • Gebruik geen meststoffen of bodemverbeteringsmiddelen op de strook;
  • Gebruik geen bestrijdingsmiddelen, uitgezonderd voor de pleksgewijze bestrijding van akkerdistels
  • Maai elk jaar de volledige strook vlinderbloemigen tussen 1 en 31 oktober. Het maaisel moet afgevoerd worden. U mag vanaf het 2de jaar de strook ook maaien tussen 1 januari en 15 mei voor maximaal de helft van de breedte;
  • Voor 1 maart van ieder jaar wordt het aanvraagformulier ingediend bij het College van burgemeester en schepenen.
De algemene voorwaarden zijn terug te vinden in het volledige reglement.